BGGN-38 BE - Montage-instructies

Dit artikel legt uit hoe u de BGGN-38 BE van Boretti in elkaar zet.

INSTRUCTIES VOOR INSTALLATEUR

INSTALLATIE

Montage van het kookvlak. Het toestel is vervaardigd om ingebouwd te worden in meubels die warmtebestendig zijn. De wanden van de meubels moeten bestand zijn tegen een temperatuur van minstens 90°C. Het toestel is van het type “Y”, dit wil zeggen dat het geïnstalleerd mag worden met één enkele laterale wand, rechts of links van het kookvlak. Vermijd de installatie van het toestel in de nabijheid van ontvlambare materialen zoals gordijnen, keukenhanddoeken, enz... Een opening maken, in het blad van het meubel, met de afmetingen aangeduid in fig.3 en fig.4; daarbij moet men een afstand houden van minstens 50 mm tussen de rand van het toestel en de aangrenzende wanden. Een eventueel hangkastje boven het kookvlak dient zich op een afstand van minstens 760 mm van het kookvlak te bevinden. Dit is een apparaat van klasse 3. Indien het in een basis met oven wordt ingevoegd, moeten beschikte voorzorgsmaatregelen worden getroffen, om een installatie vergaranderen overeenkomstig de geldende veiligheidsvoorschriften. Besteed er bijzondere aandacht aan dat zowel de stroomkabel als de gasslang zodanig zijn geplaatst dat ze niet in aanraking komen met de\hete delen van de behuizing van de oven. In geval van installatie op een oven zonder geforceerde koelventilatie moet voor een goede ventilatie voor een geschikte luchttoevoer worden gezorgd met een ingang die minstens 200 cm² kleiner is en een uitgang die groter is dan minstens 60 cm². MODEL BGGWN 38 L (mm) 350 P (mm) 495 Bevestiging van het kookvlak leder kookvlak is voorzien van een speciale dichting met plakkende kant. Verwijder de roosters en branders van het kookvlak. Draai het toestel om en breng de plakkende dichting S langs de buitenrand van het glas aan (fig. 5). Breng het kookvlak in de opening aan die in het meubel is gemaakt en zet hem vast met de schroeven V van de bevestigingshaken C (fig. 6). Plaats van installatie Dit toestel is niet uitgerust met een evacuatiesysteem voor de producten van de verbranding; het is dus noodzakelijk de rook naar buiten te evacueren met behulp van een dampkap of een elektrische ventilator die geactiveerd wordt telkens men het toestel gebruikt. De ruimte waarin het toestel geïnstalleerd wordt, moet een natuurlijke luchtaanvoer hebben voor de regelmatige verbranding van gas en de ventilatie van de ruimte: het nodige volume lucht mag niet kleiner zijn dan 20 m³. De luchttoevoer moet gebeuren door een permanente openingen, aangebracht in de muren van de kamer en die voor een verbinding naar buiten zorgt. De ventilatie kan ook afkomstig zijn van een aangrenzende kamer. In dat geval de desbetreffende geldende normen respecteren. De openingen moeten een minimale doorsnede hebben van 200 cm². Gasaansluiting Zich ervan vergewissen dat het toestel geschikt is voor het beschikbare type gas; om dat te weten kijk naar het etiket onder het toestel. Handel overeenkomstig de instructies vermeld in de paragraaf „gastransformaties en instellingen" voor de eventuele aanpassing aan verschillende gassen. Het toestel moet aangesloten worden op de gasinstallatie met behulp van onbuigzame metalen buizen of van stalen flexibele leidingen met continue wand conform de geldende normen. De gasingang-aansluiting van het toestel is van schroefdraad voorzien: 1½" gas cilindervorming mannelijk. De aansluiting mag de gasinlaatbuis niet belasten. Eens de installatie voltooid, controleer de dichtheid van de verbindingen met een zeepoplossing. Elektrische aansluiting De aansluiting op het elektrische net moet uitgevoerd worden door geschoold personeel overeenkomstig de geldende normen. De spanning van de elektrische installatie moet overeenstemmen met die vermeld op het etiket dat

Was dit artikel nuttig?

Aantal gebruikers dat dit nuttig vond: 0 van 0

Geen antwoord op je vraag gevonden?