Dit artikel legt uit hoe u de ML9016 van Boretti gebruikt.
Eerste gebruik van de oven
Volg deze instructies:
- Richt de binnenkant van de oven in zoals beschreven in het hoofdstuk 'REINIGING EN ONDERHOUD'.
- Zet de lege oven op de maximumstand om vet van de verwarmingselementen te verwijderen.
- Koppel het toestel los van de elektriciteit, laat de oven afkoelen en reinig de binnenkant met een doek, water en een neutraal reinigingsmiddel; droog daarna goed af. Opgelet Gebruik geen ruwe schuurmiddelen of scherpe metalen schrapers om het glas van de ovendeur te reinigen, aangezien deze krassen op het oppervlak kunnen veroorzaken waardoor het glas kan barsten.
- Breng geen aluminiumfolie aan op de wanden van de oven. Plaats bakplaten of de druipplaat niet op de bodem van de oven.
- Bedek de kookplaat niet met aluminiumfolie. Brandgevaar! Bewaar geen ontvlambaar materiaal in de oven of in de opslagruimte.
- Gebruik altijd ovenwanten om schotels en bakplaten uit de hete oven te halen.
- Hang geen handdoeken, theedoeken of andere voorwerpen aan het toestel of aan de handgreep – dat kan brandgevaar opleveren.
- Reinig de oven regelmatig en zorg ervoor dat er zich geen vet of olie verzamelt op de bodem van de oven of van de druipplaat. Verwijder gemorste resten meteen.
- Sta niet op het fornuis of op de geopende ovendeur.
- Ga even achteruit wanneer u de ovendeur opent, zodat stoom en hete lucht kunnen ontsnappen vooraleer u het voedsel eruit haalt. Veilig omgaan met voedsel Laat het voedsel voor en na het koken zo kort mogelijk in de oven. Op die manier vermijdt u verontreiniging door organismen, die voedselvergiftiging kunnen veroorzaken. Let hier vooral voor op bij warm weer. Waarschuwing Til het fornuis NIET op met de handgreep. Waarschuwing Houd altijd toezicht op het kookproces. Ook tijdens korte bereidingen dient continue toezicht te worden gehouden.
- Het apparaat mag niet achter een front worden geïnstalleerd om oververhitting te voorkomen.
- De ovenaccessoires (zoals bijvoorbeeld ovenrekken) dienen correct te worden geïnstalleerd zoals aangegeven op pagina 47.
- Indien het aansluitsnoer beschadigd is, mag dit uitsluitend worden vervangen door een geautoriseerde monteur om risico's te voorkomen. Energie-etikettering/ecologisch ontwerp
- Gedelegeerde verordening (EU) Nr. 65/2014 van de commissie (houdende aanvulling van Richtlijn 2010/30/EU van het Europees Parlement en de Raad).
- Verordening (EU) Nr. 66/2014 van de commissie (tot uitvoering van Richtlijn 2009/125/EG van het Europees Parlement en de Raad). Verwijzing naar de meet- en berekeningsmethoden die gebruikt zijn om de overeenstemming met bovenstaande eisen vast te stellen:
- Norm EN 60350-1 (Elektrische ovens).
- Norm EN30-2-1 (kookplaten: gasbranders). Gebruik van het apparaat, energiebesparing tips OVEN
- Controleer dat de deur van de oven steeds goed sluit en dat de pakking van de deur schoon is en goed werkt. Open de deur van de oven tijdens gebruik alleen wanneer dat strikt noodzakelijk is. Zo voorkomt u warmteverlies (voor sommige functies kan het nodig zijn de oven te gebruiken met de deur half gesloten, raadpleeg de gebruiksinstructies van de oven).
- Zet de oven 5-10 minuten voor het einde van de theoretische bereidingstijd uit, om de opgeslagen hitte te recupereren.
- We raden aan dat u geschikte ovenschotels gebruikt en de oventemperatuur indien nodig aanpast tijdens de bereiding. Kookplaten Gasbranders
- Het is belangrijk dat de diameter van de kookpan aangepast is aan het vermogen van de brander teneinde het hoog rendement van de branders zo goed mogelijk te gebruiken en het onnodig gasverbruik te vermijden. Een kleine kookpan op een grote brander plaatsen teneinde het gerecht vlugger aan de kook te brengen, dient tot niets want de warmteabsorptie blijft steeds dezelfde tegenover het volume en de oppervlakte van de braadpan.
- Zorg dat u geen brander aan laat staan zonder dat er iets op staat (zonder kookpot). 1 kooktafel Algemene karakteristieken:
2. Halfsnelle brander (SR)
3. Snelle brander (R)
4. Superbrander met driedubbele krans (TC) 1,00 kW 1,75 kW 3,00 kW 4,00 kW Opmerking
- Elektrische ontsteking is ingebouwd in de bedieningsknoppen van de gasbranders.
- Veiligheidsventielen: is wordt de gastoevoer gestopt als de vlam per ongeluk dooft. Waarschuwing Als de vlammen van de brander per ongeluk uit gaan, moet u de bedieningsknop dichtdraaien en tenminste een minuut wachten voordat u opnieuw probeert het apparaat aan te steken. Waarschuwing Het gebruik van een kookapparaat op gas veroorzaakt warmte en vochtigheid in de ruimte waar het is geïnstalleerd. Zorg voor een goede ventilatie van de ruimte door de natuurlijke ventilatieopeningen open te houden of door een afzuigkap met afvoerbuis te installeren. Waarschuwing Bij intensief en langdurig gebruik van het apparaat kan een extra ventilatie nodig zijn, bijvo-orbeeld door een raam te openen, of een doelmatigere ventilatie, door het mechanische afzuigvermogen te verhogen, als dat er is. 2 Bedieningspaneel Beschrijving van de bedieningsknoppen
1. Bedieningsknop brander rechts voor
2. Bedieningsknop brander rechts achter
3. Bedieningsknop brander middenachter
4. Bedieningsknop brander middenvoor
5. Bedieningsknop brander links achter
6. Bedieningsknop brander links voor
7. Thermostaatknop
8. Keuzeknop voor de bediening van de oven
9. Elektronische klok/programmaklok met “Touch-control”
10. Controlelampje oventhermostaat
11. Aan/uit-controlelampje
Opmerking
Dit toestel beschikt over een veilige koeling dankzij de ventilatiemotor, waardoor een optimale efficiëntie van het controlepaneel wordt bereikt, de oppervlaktetemperatuur lager blijft en de interne componenten worden afgekoeld. De ventilatiemotor voor koeling wordt automatisch ingeschakeld wanneer de oven of de grillbrander worden aangezet. Deze kan (enkele minuten) blijven werken, ook nadat de oven of grillbrander werden uitgeschakeld. Deze periode hangt af van de baktemperatuur en -duur. 3 Kooktafel bedieningsvoorschrift Gebruik van de branders De gastoevoer naar de brander wordt bediend door een knop (Afb. 3.1) die inwerkt op de kraan met veiligheidsafsluiting. Door het merkteken op de knop rechtover de verschillende symbolen op het bedieningsbord te plaatsen bekomt men: Turning the knob, so that the indicator line points to the symbols printed on the panel, achieves the following functions:
- merkpunt gesloten kraan (uitgedoofde brander)
- merkpunt vol debiet (brander op maximum)
- merkpunt vertraagd debiet (brander op minimum)
- Om de gastoevoer te verminderen draait u de knop verder tegen de klok in, desgewenst tot het aanslagpunt, waar de aanwijzer van de knop op het symbool kleine vlam wijst.
- De maximale gastoevoer gebruikt u om vloeistof snel aan de kook te brengen, de minimale gastoevoer voor het voorzichtig opwarmen en warm houden.
- Kook altijd met de bedieningsknop op een stand tussen maximaal en minimaal. Nooit tussen maximaal en uitstand. Om te sluiten, de knop rechts draaien tot de inschakeling van de veiligheid. Nota De knoppen en symbolen kunnen variëren. Voorzichtig! Bedek de kookplaat niet met aluminiumfolie. Controleer na het koken altijd of u de bedieningsknop naar de gesloten stand heeft teruggedraaid. Wanneer u het fornuis niet gebruikt is het verstandig om de kraan op de gastoevoer dicht te draaien. Let op Het oppervlak van het fornuis wordt tijdens het koken zeer heet. Houd kinderen uit de buurt van het fornuis. Elektrische ontsteking
1. Om een brander te ontsteken moet u de bijbehorende bedieningsknop indrukken en naar de hoogste stand (grote vlam ) draaien; houd de bedieningsknop ingedrukt totdat de brander aan is. (Als de stroom is uitgevallen kunt u de brander ontsteken door er een vlam bij te houden).
2. Wacht ongeveer tien seconden na de ontsteking van de brander, alvorens de knop weer los te laten (de tijd om het veiligheidsventiel te bewapenen).
3. Regel de gaskraan op de gewenste stand. Mocht de vlam van de brander om welke reden ook doven, dan zal de veiligheidsklep de gastoevoer automatisch Afbreken. Om de werking weer te hervatten moet u de knop in de stand " draaien en de brander opnieuw ontsteken volgens bovenstaande instructies. Indien bijzondere lokale omstandigheden van het gedistribueerde gas de ontsteking van de brander moeizaam maken wanneer de bedieningsknop in de hoogste stand staat, adviseren wij de procedure nogmaals uit te voeren, maar nu met de knop in de minimumstand. Keuze van branders De positie van de branders staat aangeduid op het bedieningsbord. Het symbool met verschillende symbolen duidt de brander aan die bediend wordt door de kraan die zich er net onder bevindt. De brander dient gekozen te worden in funktie van de diameter en de inhoud van de gebruikte kookpan. De branders en pannen moeten worden gebruikt volgens de onderstaande instructies: Diameters of pans which may be used on the burners BRANDERS DIAMETER KΟΟΚΡΑΝNEN Hulpbrander 12 cm 14 cm Half-snelle 16 cm 24 cm Snelle 24 cm 26 cm Driedubbele kroon 26 cm 28 cm Wok max 36 cm Gebruik geen pannen met een holle of bolle bodem Het is belangrijk dat de diameter van de kookpan aangepast is aan het vermogen van de brander teneinde het hoog rendement van de branders zo goed mogelijk te gebruiken en het onnodig gasverbruik te vermijden. Een kleine kookpan op een grote brander plaatsen teneinde het gerecht vlugger aan de kook te brengen, dient tot niets want de warmteabsorptie blijft steeds dezelfde tegenover het volume en de oppervlakte van de braadpan.
Let op
Zorg ervoor dat de pannen in het midden van de brander staan voor maximale stabiliteit en meer efficiëntie. Zorg ervoor dat de pannen niet in contact staan met de bedieningsknoppen, anders kan de vlam de knoppen oververhitten en deze permanent beschadigen. Speciaal onderstel voor de “wok” (Afb. 3.4a - 3.4b) Zet het speciale wokrooster op het rooster van de brander met driedubbele krans.
Let op
- Het gebruik van een wok zonder het speciale onderstel kan de werking van de brander zwaar storen.
- Zet geen pan met een platte bodem op het speciale onderstel. Belangrijk De speciale wokrooster kan alleen op de brander met driedubbele krans geplaatst worden. 4 Elektrische multifunktie oven Opgelet Tijdens de werking van de oven is de ovendeur warm. Houdt de jonge kinderen op afstand. algemene kenmerken Zoals zijn naam het zegt, gaat het hier om een oven die specifieke funktionele kenmerken bezit Het is inderdaad mogelijk 8 verschillende funkties te gebruiken om aan elke kookvereiste te voldoen. Deze 8 funkties, met thermostatische controle, worden verwezenlijkt door 4 verwarmingselementen:
- Onderweerstand
- Bovenweerstand
- Grillweerstand
- Ringvormige weerstand Opmering Voor het eerste gebruik is het raadzaam om de lege oven 30 minuten op stand te laten werken en vervolgens nogmaals 30 minuten op de maximumtemperatuur (thermostaatknop op 250°C) in de standen en om alle sporen van vet van de verwarmingselementen te verwijderen. Maak de oven en zijn accessoires schoon met warm water en vloeibaar afwasmiddel. werkingsprincipe Het opwarmen en koken met de MULTIFUNKTIE oven gebeurt als volgt: A) door natuurlijke convectie De warmte wordt produceerd door de boven- en onderweerstand. B) door gedwongen convectie Een turbine zuigt de lucht in de moffel van de oven aan, stuwt deze door de witgloeiende schroefgangen van een elektrische weerstand en stuwt deze weer in de moffel. De warme lucht -alvorens weer aangezogen te worden om dezelfde cyc/us te hernemen - omhult de gerechten in de oven waardoor deze vlug en volledig gaargekookt worden. Bovendien kan men verschillende gerechten tegelijkertijd koken. C) door semi-gedwongen convectie De door de boven- en onderweerstand geproduceerde warmte wordt door de turbine in de oven verdeeld. D) door straling De warmte wordt door de infra-roodstralen van de grillweerstand uitgestraald. E) door straling en ventilatie De door de infra-roodgrillweerstand uitgestraalde warmte wordt door de turbine in de oven verdeeld. F) ventilatie Het voedsel wordt zonder verwarming door de ventilator ontdooid. Breng geen aluminiumfolie aan op de wanden van de oven. Plaats bakplaten of de druipplaat niet op de bodem van de oven. Waarschuwing De deur is heet. Gebruik het handvat. Gedurende het gebruik wordt het apparaat warm. Opletten om niet de warme elementen binnen de oven te treffen. THERMOSTAAT (Afb. 4.2) De verwarmingselementen van de oven worden ingeschakeld door de knop op de gewenste funktie te plaatsen en door de thermostaatknop op de gewenste temperatuur in te stellen. De controle van de werking (ON-OFF) van de verwarmingselementen wordt uitgevoerd door de thermostaat. BAKSTANDENSCHAKELAAR (Afb. 4.1) Draai de knop met de klok mee om één van de bakstanden in te stellen. VERLICHTING Bij het instellen van de knop in deze positie, licht het ovenlampje op. De oven blijft verlicht als de schakelaar op één van de funkties is ingesteld. ☑☑ ONTVRIEZEN VAN INGEVRO REN VOEDINGSMIDDELEN Enkel werking van de ovenventilator. Te gebruiken met de thermostaatknop op stand daar elke andere stand geen enkele uitwerking heeft. Het "" ontvriezen gebeurt door de ventilatie, zonder verwarming. Aangeraden Gebruik: Om snel de ingevroren gerechten te ontvriezen. Ongeveer één uur per kilo. De duur variëert in funktie van de kwaliteit en het soort te ontvriezen voedingsmiddelen. TRADITIONEEL KOKEN-CONVECTIE Werking van de onder- en bovenweerstand. De warmte wordt door natuurlijke convectie verspreid en de temperatuur moet geregeld worden van 40° tot 300 °C met de thermostaatknop. De oven dient voorverwarmd te worden alvorens de gerechten in de oven te plaatsen. Aangeraden Gebruik: Voor gerechten die volledig gaargekookt moeten worden. Vb: gebraad, varkensribben, schuimgebak (meringue). ONDERSTE VERWARMINGSELEMENT In deze stand wordt enkel het onderste verwarmingselement ingeschakeld. De warmte verspreidt zich door natuurlijke convectie. De temperatuur dient geregeld te worden van 40° tot 225 ° C met de thermostaatknop. Aangeraden Gebruik: Geschikt voor het verhitten van gerechten waarvan de bodem op een hoge temperatuur moet worden verhit. KOKEN MET GEDWONGEN CONVECTIE Werking van de onder- en bovenweerstand en van de turbine. De boven-en onderwarmte wordt in de oven verdeeld door semi gedwongen convectie. De temperatuur dient geregeld te worden van 40° tot 300 ° C met de thermostaatknop. Aangeraden Gebruik: Voor grote hoeveelheden en grotere volumes die gelijkmatig moeten gebakken of gebraden worden. Vb.: roulades, kalkoen, lamsbout, taart, enz. OVENSTE VERWARMINGSELEMENT In deze stand wordt enkel het bovenste verwarmingselement ingeschakeld. De warmte verspreidt zich door natuurlijke convectie. De temperatuur dient geregeld te worden van 40° tot 250 ° C met de thermostaatknop. Aangeraden Gebruik: To complete cooking of dishes that require higher temperature at the top. + GRILLEN Het infrarood-verwarmingselement is ingeschakeld. De warmte verspreidt zich via straling. Gebruik het apparaat met gesloten ovendeur en met de thermostaatknop tussen 40 en 225 °C. In de -stand zal de rotisseriemotor worden ingeschakeld. Voor correct gebruik, lees “GEBRUIK VAN DE GRILL” en “GEBRUIK VAN DE ROTISSERIE”. Opmerking Het wordt aangeraden om niet langer dan 60 minuten achter elkaar te grillen. Attentie Tijdens het gebruik wordt de ovendeur zeer heet. Houd kinderen weg van de oven. Aangeraden Gebruik: De grill is te gebruiken voor gerechten die dienen te worden gebraden, opgewarmd, gegratineerd, geroosterd, etc. KOKEN MET GEVENTILEERDE GRILL Werking van de infra-roodgrillweerstand en de turbine. De warmte wordt hoofdzakelijk verspreid door straling en de ventilator verdeelt de warmte over de ganse oven. De temperatuur moet d.m.v. de thermostaatknop worden geregeld op een stand tussen 40° en 225° (voor maximaal 30 minuten). De oven moet voorverwarmd worden gedurende 5 minuten. Attentie Voor gebruik moet de deut-van de oven gesloten zijn. Tijdens het gebruik wordt de ovendeur zeer heet. Houd kinderen weg van de oven. Voor een correct gebruik verwijzen wij naar het hoofdstuk "ROOSTEREN EN GRATINEREN”. Aangeraden Gebruik: Voor het roosteren van gerechten waarvan de buitenkant gebruind moet worden om het vleessap binnenin te behouden. Vb: kalfsbiefstuk, entre- côte, hamburger, enz. 人 eco ECOFUNCTIE (ENERGIEBESPAREND) Werking van de ringvormige weerstand en van de turbine. De warmte wordt door gedwongen convectie verspreid. Deze functie vermindert het ergieverbruik van het apparaat en is daarom bijzonder handig voor wanneer u maar 1 rek in gebruik heeft voor het bereiden van een kleine hoeveelheid voedsel. Het is niet nodig om de oven voor te verwarmen. Te gebruiken met gesloten ovendeur. Bereidingstijden kunnen langer zijn dan bij de standaardfuncties. Gebruik deze functie niet om de oven voor te verwarmen. Recommended for: Foods that require gentle cooking. To keep foods hot after cooking. To slowly heat already cooked foods. KOKEN MET WARME LUCHT Werking van de ringvormige weerstand en van de turbine. De warmte wordt door gedwongen convectie verspreid en de temperatuur dient geregeld te worden van 40° tot 300 °C d.m.v. de thermostaatknop. De oven moet niet voorverwarmd worden. Aangeraden Gebruik: Voor gerechten die een goedgebakken korstje moeten hebben en binnen zacht of roze dienen te zijn. Vb.: lasagne, lamsvlees, rosbif, gehele vissen, enz. WARMHOUDEN VAN GEKOOKTE GERECHTEN OF ZACHTJES OPWARMEN VAN GERECHTEM Werking van de bovenweerstand, van de ringvormige weerstand en de turbine. De warmte wordt verspreid door gedwongen convectie, met meer intensiteit op het niveau van de bovenweerstand. De temperatuur dient geregeld te worden van40° tot 140°C met de thermostaatknop. Aangeraden Gebruik: Om vooraf gekookte gerechten warm te houden. Om zachtjes de reeds gekookte gerechten op te warmen. DRAADSPIT De fornuizen uitgerust met een braadspit. Dit dient om de gerechten aan het spit le braden door middel van het gebruik van de grillbrander. Dit onderdeel bestaat uit:
- 1 elektrische motor, in de achterwand van de oven geplaatst.
- 1 spit uit roestvrij handvat en twee regelbare vorken.
- 1 steun voor het spit dat men op de midden richel van de oven plaatst. In de stand treedt de draaispitmotor in werking (Afb 4.1). GEBRUIK VAN HET DRAADSPIT (Afb. 4.3)
- De braadslee op de onderste richel van de oven plaatsen en de steun op de middenrichel.
- Het spit in het braadstuk rijgen en het met de vorken vastleggen.
- Breng de stang in de opening van overbrenging “P” en verwijder het handvat "H" door naar links te draaien.
- Breng de stang “S” in de opening “G” van de motor door op de steun van de stang te duwen. De draairichting van de hendel is van links naar rechts, of omgekeerd. Kookwenken Steriliseren Het steriliseren van levensmiddelen in bokalen gebeurt als volgt (volle bokalen, hermetisch gesloten): A) de schakelaar op stand plaatsen; B) de thermostaatknop op stand 185 °C plaatsen en de oven voorverwarmen; C) de druipplaat met warm water vullen; D) de bokalen op de druipplaat zetten en erop letten dat ze elkaar niet raken; de deksels bevochtigen met water; de ovendeur sluiten en de thermostaatknop op stand 135 °C plaatsen. Wanneer het steriliseren begint, t.w. wanneer er luchtbellen in de bokalen gevormd wor den, de oven uitschakelen en laten afkoelen. Verbeteren De schakelaar op stand plaatsen en de thermostaatknop op stand 150 °C. Brood wordt weer knappend vers als men het ongeveer 10 minuten in de oven plaatst nadat het lichtjes bevochtigd werd. Braden Om op de klassieke manier te braden (gaar gebakken) volstaat het volgende punten in acht te nemen:
- de oventemperatuurinstellen tussen 180° en 200° C.
- de hoeveelheid en de kwaliteit van het vlees. Simultaan koken De standen en de MULTIFUNKTIE oven laten toe verschillende heterogene bereidingen simultaan te koken. Aldus kan men tezelfdertijd verschillende gerechten koken zoals vb. vis, taart en vlees zonder dat de aroma's en smaken zich vermengen. Dit is mogelijk omdat de dampen en vetten geoxydeerd worden door de elektrische weerstand en zich dus niet kunnen afzetten op de gerechten. De enige te nemen voorzorgen zijn:
- de kooktemperaturen moeten zo dicht mogelijk bij elkaar liggen met een verschil van maximum 20° tot 25 °C tussen de extreem vereiste temperaturen voor de verschillende gerechten;
- de gerechten zullen op verschillende tijdstippen in de oven geplaast worden, rekening houdend met de verschillende kookduur. Het resultaat van deze kookwijze is een evidente energie en tijdbesparing. Roosteren en gratineren Met de schakelaar op stand ☑ kan het roosteren zonder braadspit gbeuren, daar delucht volledig rond de gerechten verspreid wordt. De thermostaatknop op stand 225°C plaatsen en na voorverwarming van de oven de gerechten op het rooster plaatsen, de ovendeur sluiten en de oven laten verder verwarmen tot het roosteren voleindigd is. Voor het eind van de kooktijd enkele boterkrulletjes toevoegen om het mooie gravneffekt te bekomen. De grill niet langer dan 30 min. gebruiken. Attentie Tijdens het gebruik wordt de ovendeur zeer heet. Houd kinderen weg van de oven. Koken met de grill De oven moet voorverwarmd worden gedurende 5 minuten. Voor gebruik moet de deur van de oven gesloten zijn.Het gerecht op het ovenroosterplaatsen dat zo hoog mogelijk in de oven wordt geschoven. Breng de ovenschaal onder de grill aan, om het vet en de sappen op te vangen. Attentie Voor gebruik moet de deur van de oven gesloten zijn. De grill niet langer dan 30 min. gebruiken. Tijdens het gebruik wordt de ovendeur zeer heet. Houd kinderen weg van de oven. Koken met de oven De oven voorverwarmen op de gewenste temperatuur. Wanneer de oven de gewenste temperatuur bereikt heeft, het gerecht in de oven plaatsen en de kooktijd nakijken. De oven 5 min. voor het eind van de kooktijd uitschakelen om de in de oven opgestapelde warmte te benutten. Ter informatie geven we in volgende tabel enkele gerechten met hun bereidingstemperauren in °C. Tijd en temperatuur schommelen afhankelijk van de hoeveelheid en de grootte van de stukken.